Waarom je meer betaalt dan je accu krijgt
Thuisladen blijft voor de meeste EV-rijders de goedkoopste en handigste optie. Toch verdwijnt een deel van de energie die je aanschaft nooit in de accu. Wie denkt dat 30 kWh op de meter ook 30 kWh in de batterij betekent, komt bedrogen uit. Het verschil tussen wat de meter registreert en wat daadwerkelijk in de tractiebatterij terechtkomt, heet laadverlies — en dat varieert sterk per model en laadoplossing.
Duitslands grootste autoclub ADAC onderzocht vijf recente elektrische modellen op dit fenomeen. De uitkomst: sommige auto's verspillen bijna een kwart van de energie bij gebruik van een mobiele lader, terwijl een vaste laadpaal die verliezen kan halveren of zelfs meer.
De testopstelling en de vijf deelnemers
De ADAC testte de Mercedes-Benz CLA 350 met EQ Technology, Renault 5 E-Tech, Tesla Model Y, Volvo EX30 en Volkswagen ID.7. Elke auto werd op drie manieren geladen: via een mobiele lader van 2,3 kW (standaard stopcontact), een gesimuleerde zonnepanelenopstelling van 4,1 kW, en een vaste thuislader van 11 kW of 22 kW.
Om celbalancering buiten beeld te houden, vonden de sessies plaats tussen 10 en 90 procent laadtoestand. De accutemperatuur lag steeds tussen 20 en 30 graden Celsius — realistische omstandigheden voor Nederlandse thuisladers.
Grote verschillen: van 24,2% tot 5,1% verlies
De resultaten tonen opvallende spreiding. Met de mobiele 2,3 kW-lader scoorde de Tesla Model Y het beste met 12,7% verlies, gevolgd door de Volvo EX30 (14,2%) en Renault 5 (13,7%). De Volkswagen ID.7 bleef steken op 15,3%. Opvallend slecht presteerde de Mercedes-Benz CLA: 24,2% van de energie ging verloren.
Volgens de ADAC beperkt Mercedes-Benz de stroomsterkte van de boordlader tot 8 ampère bij gebruik van een mobiele lader. Dat forceert een inefficiënt laadproces met relatief hoge warmteontwikkeling in het conversiesysteem.
De omslag bij een vaste 11 kW-lader is dramatisch:
- Mercedes-Benz CLA: van 24,2% naar 6,9% verlies
- Renault 5 E-Tech: van 13,7% naar 5,1% verlies (beste van de groep)
- Tesla Model Y: van 12,7% naar 6,1% verlies
- Volvo EX30: van 14,2% naar 7,0% verlies
- Volkswagen ID.7: van 15,3% naar 6,9% verlies
De Volvo EX30 was het enige geteste model dat 22 kW AC-laden ondersteunt. Het verschil met 11 kW bleef minimaal: 6,7% versus 7,0% verlies. Voor de meeste rijders rechtvaardigt dat de hogere aanschafprijs van een 22 kW-laadpaal niet.
Waarom ontstaan laadverliezen?
De boordlader (OBC) converteert wisselstroom uit het stopcontact naar gelijkstroom voor de accu. Dat conversieproces genereert onvermijdelijk warmte — en warmte is verloren energie. Daarnaast trekken koelsystemen, verwarming en andere hulpcomponenten stroom tijdens het laden, vooral bij lage vermogens waarbij het laadproces langer duurt.
Fabrikanten die overschakelen van conventionele silicium-halfgeleiders naar siliciumcarbide (SiC)-componenten, kunnen die verliezen terugdringen. SiC is energiezuiniger maar duurder in aanschaf. De verschillen in de ADAC-test suggereren dat Tesla en Renault hier verder zijn in optimalisatie dan Mercedes-Benz bij dit specifieke laadscenario.
Wat betekent dit voor je portemonnee?
Rekenvoorbeeld: wie wekelijks 50 kWh laadt, betaalt bij 24,2% verlies voor 65,9 kWh. Bij 6,1% verlies — de Tesla op 11 kW — is dat 53,2 kWh. Bij een energieprijs van 0,35 euro per kWh scheelt dat ruim 4,50 euro per week, of meer dan 230 euro op jaarbasis. Voor de Mercedes-rijder loopt dat verschil op tot bijna 450 euro.
De conclusie is helder: een vaste 11 kW-laadpaal verdient zich terug, zeker bij huidige energieprijzen. Mobiele ladereenheden hebben hun nut als noodoplossing, maar structureel thuisladen via een stopcontact is duurder dan het lijkt. Wie overweegt een EV aan te schaffen, doet er goed aan de laadprestaties van het model mee te wegen — niet alleen het verbruik op de weg, maar ook het rendement aan de thuislader.
Benieuwd naar beschikbare EV's met gunstige laadkarakteristieken? Bekijk het actuele aanbod op e-automarkt.nl en vergelijk modellen op laadvermogen en efficiëntie.