Geen SEPP, wel SPRILA: 35 miljoen extra voor bedrijfs-EV-infrastructuur

Terwijl de SEPP-subsidie voor particuliere elektrische auto's is uitgeput, opent de overheid een andere route om elektrisch vervoer te stimuleren. De SPRILA-regeling — gericht op bedrijven die laadinfrastructuur op eigen terrein willen realiseren — krijgt een substantiële injectie van 35 miljoen euro. De budgetverhoging werd al op 2 juni 2026 in de Staatscourant gepubliceerd, nog voor de formele Eerste Kamer-goedkeuring van dinsdag 7 juli.

De regeling richt zich nadrukkelijk op private laadinfrastructuur: laadpalen en batterijen die niet publiek toegankelijk zijn, maar uitsluitend bedoeld voor eigen personeel en klanten. Dit sluit aan bij een groeiend knelpunt in de EV-markt: steeds meer bedrijven willen hun wagenpark elektrificeren, maar lopen tegen capaciteitsproblemen op het elektriciteitsnet aan.

Verdubbeld budget voor stationaire batterijen

De verdeling van de extra miljoenen toont waar het ministerie de grootste urgentie ziet. Het budget voor laadstations zelf stijgt bescheiden van 60 naar 68,5 miljoen euro. Het echte nieuws zit bij de opslagsystemen: dat potje springt van 18,5 naar 45 miljoen euro — een vermeerdering van ruim 140%.

Die verschuiving is logisch. Nederland kampt met netcongestie die bedrijven ervan weerhoudt om voldoende laadcapaciteit aan te leggen. Een stationaire batterij tot maximaal 1.000 kWh per laadplek biedt uitkomst: stroom wordt opgeslagen tijdens rustige uren en ingezet wanneer de vraag piekt. Voor bedrijven met een flink elektrisch wagenpark — denk aan leasebedrijven, logistieke dienstverleners of zorginstellingen met wijkverpleging — is dit vaak de enige haalbare route om op korte termijn te schalen.

MKB pakt het dubbele: de subsidietabel ontleed

De regeling discrimineert bewust ten gunste van het midden- en kleinbedrijf. MKB'ers ontvangen exact het dubbele subsidiebedrag vergeleken met grote ondernemingen, mits ze een mkb-verklaring bij hun RVO-aanvraag voegen.

Type laadstationVermogenGrootbedrijfMKB
AC-laadpaalvanaf 11 kW, 1 punt€ 400€ 800
AC-duopaal2x 11 kW, 2 punten€ 800€ 1.600
DC-snelladervanaf 50 kW€ 4.880€ 9.760
DC-snelladervanaf 150 kW€ 12.200€ 24.400
DC-ultrasnelladervanaf 550 kW€ 44.000€ 88.000

Voor stationaire batterijen geldt: € 60 per kWh voor grootbedrijven, € 85 per kWh voor het MKB. Bij een batterij van 500 kWh — voldoende voor een klein laadhub met enkele DC-punten — scheelt dat € 12.500 in het voordeel van de kleinere ondernemer.

De DC-subsidies zijn bijzonder interessant in het licht van actuele EV-ontwikkelingen. Een 550 kW-ultrasnellader komt in de buurt van de piekvermogens die nieuwe modellen als de Porsche Taycan (tot 320 kW) of Hyundai Ioniq 5 N (tot 350 kW) aankunnen. Deze subsidie maakt het voor bedrijven financieel haalbaar om toekomstbestendige infrastructuur te leggen die de komende generatie 800V-platforms niet laat wachten.

Praktische aanpak: deadlines en strategie

De verhoogde potten zijn per direct aan te vragen via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De harde deadline is vrijdag 18 december 2026 om 12:00 uur.

Gezien de netwerkproblematiek en de aantrekkelijke MKB-voorwaarden is verwachtbaar dat vooral de batterijpot snel leegt. Ondernemers die overwegen hun parkeerterrein of bedrijfslocatie om te bouwen tot laadhaven doen er verstandig aan om niet te lang te wachten. De regeling werkt op basis van wie het eerst komt, wie het eerst maalt — er is geen loting of gegarandeerde toekenning.

Voor EV-rijders en -leaseurs is dit indirect goed nieuws: meer private laadpunten betekent minder druk op het openbare netwerk en meer zekerheid dat de werkgever of zakelijke relatie voldoende laadmogelijkheden biedt. De kloof tussen thuisladers en mensen zonder eigen oprit wordt op deze manier iets minder diep.