Subsidie voor gebruikte EV's van start

De Franse overheid breidt haar stimuleringsbeleid voor elektrisch vervoer uit naar de occasionmarkt. Vanaf september 2024 komt er financiële ondersteuning beschikbaar voor zowel de aankoop als het leasen van gebruikte volledig elektrische personenauto's (BEV's). De maatregel moet de toegankelijkheid van emissieloos rijden vergroten voor een breder publiek, nu nieuwe elektrische auto's voor veel consumenten financieel buiten bereik blijven.

Het initiatief sluit aan bij het grotere Franse beleidskader om de transitie naar elektrisch vervoer te versnellen. Waar tot dusver de focus lag op nieuwe voertuigen — met forse bonussen die Frankrijk internationaal tot een van de meest gulle EV-landen maakten — wordt nu ook de secundaire markt betrokken. Dit is een logische stap, gezien de groeiende vraag naar betaalbare elektrische mobiliteit en de beperkte beschikbaarheid van goedkopere nieuwe modellen.

CEE-systeem biedt beperkt algemeen bedrag

De algemene subsidie loopt via het zogeheten CEE-systeem (Certificats d'Économies d'Énergie). Per voertuig is momenteel een bedrag van circa 337 euro beschikbaar. Dat is vergelijkbaar met de Nederlandse subsidie occasion elektrische personenauto's (SOEP), die in 2024 eveneens een bescheiden bedrag kent — al fluctueren die bedragen per aanvraagronde sterk door het beschikbare budget.

In het Franse geval valt het bedrag op door zijn geringe omvang. Voor context: een gebruikte Renault Zoe uit 2019 met een 52 kWh-accu kost momenteel op de Franse markt tussen de 12.000 en 15.000 euro. De CEE-bijdrage van 337 euro vertegenwoordigt dan minder dan 3 procent van de aanschafprijs. Ter vergelijking: de Nederlandse SOEP-bedragen liggen doorgaans hoger, al is ook daar de vraag groter dan het aanbod, wat leidt tot snelle uitputting van het budget.

De beperkte hoogte van de Franse algemene subsidie roept de vraag op of dit voldoende is om koopgedrag structureel te beïnvloeden. Voor prijsbewuste occasionkopers kan het verschil tussen een zuinige benzineauto en een gebruikte EV nog steeds aanzienlijk zijn, zeker wanneer laadinfrastructuur en accudegradatie meegenomen worden in de afweging.

Zorgpersoneel krijgt voorrang en hogere subsidie

Opvallend aan het Franse systeem is de differentiatie naar beroepsgroep. Medewerkers in de gezondheidszorg (soignants) komen in aanmerking voor een aanzienlijk hogere tegemoetkoming bij aankoop van een tweedehands EV. Het exacte bedrag voor deze groep wordt niet in de bron genoemd, maar het verschil met het algemene CEE-bedrag wordt als 'significant' gekwalificeerd.

Deze keuze past in een bredere Europese trend om specifieke doelgroepen te ondersteunen bij de elektrische transitie. In Nederland zien we vergelijkbare differentiaties bij leaseconstructies en soms bij gemeentelijke subsidiepotjes, waar bijvoorbeeld bijstandsgerechtigden of zzp'ers in bepaalde sectoren voorrang krijgen. De Franse focus op zorgpersoneel lijkt voort te komen uit de wens om deze beroepsgroep — vaak relatief laagbetaald en met onregelmatige werktijden — toch te laten profiteren van emissieloos vervoer.

Voor de Nederlandse markt is het interessant om te zien hoe differentiatie per beroepsgroep werkt in de praktijk. De Nederlandse overheid heeft tot dusver gekozen voor een uniform systeem zonder beroepsspecifieke lagen, al zijn er wel aparte regelingen voor zakelijk leasen en privé-aanschaf.

Implicaties voor de Europese occasionmarkt

De Franse maatregel komt op een moment dat de Europese markt voor gebruikte elektrische auto's in ontwikkeling is. De eerste generatie massale EV's — waaronder de Nissan Leaf (24 kWh en 30 kWh), Renault Zoe (22 kWh en 41 kWh) en BMW i3 — bereikt nu de leeftijd en prijsklasse waarop ze voor occasionkopers interessant worden. Tegelijkertijd worstelt de markt met vragen over accugaranties, resterend bereik en laadcurve-degradatie.

Frankrijk loopt met deze subsidie niet voorop in Europa — Duitsland kende tot 2022 een Umweltbonus die ook gebruikte EV's omvatte, en Italië heeft regionale incentives — maar de differentiatie naar beroepsgroep is wel opmerkelijk. Of het model aanslaat, hangt af van de administratieve uitvoering en de daadwerkelijke beschikbaarheid van het geld voor zorgpersoneel.

Voor Nederlandse consumenten die overwegen een gebruikte EV uit Frankrijk te importeren, is relevant dat dergelijke subsidies doorgaans alleen gelden voor in het land zelf geregistreerde voertuigen en kopers. De grensoverschrijdende doorwerking van Europese subsidieprogramma's blijft beperkt, wat de interne markt voor occasions nog steeds fragmenteert.