Recordverwachting: 23 miljoen EV's in 2026
Het Internationaal Energieagentschap (IEA) komt met een opmerkelijke prognose: in 2026 worden wereldwijd naar verwachting 23 miljoen elektrische auto's verkocht. Dat is niet alleen een nieuw record, maar zet de EV-markt ook op koers voor een aandeel van 28 procent van alle autoverkopen wereldwijd. Ter vergelijking: dat aandeel ligt nu nog rond de 25 procent. De versnelling is dus aanzienlijk, en volgens het IEA gaat die groei steeds minder over subsidie alleen.
Wat opvalt aan deze cijfers is dat de marktmaturing duidelijk zichtbaar wordt. Waar EV-verkoop in het verleden vaak afhing van fiscale prikkels en emissieverplichtingen, naderen elektrische modellen in steeds meer markten de total cost of ownership van benzine- en dieselauto's. Stijgende brandstofprijzen, zichtbaar op meerdere continenten, werken als extra katalysator. Voor Nederlandse lezers herkenbaar: wie nu tankt voor bijna 2 euro per liter, rekent anders over de kosten per kilometer dan vijf jaar geleden.
Europa en Azië trekken de kar, China en VS haperen
De groei verloopt echter zeer ongelijk. Europa boekte de afgelopen periode een plus van bijna 30 procent ten opzichte van een jaar eerder. Dat is consistent met wat we ook in Nederland zien: het aanbod in segmenten als de compacte middenklasse (denk aan de Volkswagen ID.3, Renault Megane E-Tech, Peugeot e-308) is sterk uitgebreid, en laadinfrastructuur wordt steeds minder vaak als drempel genoemd.
Nog indrukwekkender is Azië buiten China: daar steeg de EV-verkoop met maar liefst 80 procent. Landen als Thailand, Indonesië en India zien een snelle opkomst van betaalbare Chinese merken als BYD en MG, die lokaal produceren om importheffingen te omzeilen. Dit verstoort de traditionele marktordening en zorgt ervoor dat westerse fabrikanten hun prijsstrategie moeten herzien.
Aan de andere kant staan China en de Verenigde Staten, waar de verkoop juist met 8 procent daalde. In China heeft de overheid de subsidiëring afgebouwd na jaren van massale steun; de markt is daar nu volwassen genoeg om op eigen benen te staan, maar consumenten lijken even de kat uit de boom te kijken. In de VS speelt politieke onzekerheid rond het Inflation Reduction Act en mogelijke wijzigingen in belastingvoordelen per staat een rol. Ook is het aanbod aan betaalbare EV's daar beperkter dan in Europa.
Wat betekent dit voor de Nederlandse markt?
Voor Nederland is de Europese groei van 30 procent een belangrijk kader. De bijtellingstarieven en fiscale voordelen voor zakelijke rijders blijven tot 2029 grotendeels intact, wat de transitie structureel ondersteunt. Tegelijkertijd wordt de druk op het laadnetwerk groter. De slotopmerking uit de bron — "niet allemaal tegelijkertijd opladen hè? Dat vindt Stedin niet leuk" — raakt een serieus pijnpunt.
Netbeheerder Stedin heeft herhaaldelijk gewaarschuwd dat piekbelasting door gelijktijdig laden een uitdaging vormt, vooral in bestaande woonwijken waar de elektrische infrastructuur niet is berekend op tientallen thuisladers per straat. Slim laden, bidirectioneel laden (V2G) en dynamische capaciteitsmanagement worden daardoor geen luxe, maar noodzaak. Merken als Ford (met de F-150 Lightning in de VS), Hyundai en Volkswagen experimenteren al met V2H- en V2G-toepassingen; in Nederland loopt een proef met de Hyundai Ioniq 5 als thuisbatterij.
Van subsidie-afhankelijk naar kostenevenwicht
Het meest interessante inzicht uit het IEA-rapport is de verschuiving in drijfveren. Wanneer EV's zonder subsidie concurrerend worden, verandert de dynamiek fundamenteel. De TCO-pariteit — het punt waarop een elektrische auto over de gehele levensduur niet duurder is dan een vergelijkbare benzineauto — nadert in meerdere segmenten. Voor de compacte middenklasse ligt die drempel in Nederland al rond de 35.000-40.000 euro catalogusprijs, dankzij lagere energiekosten en onderhoud.
Dat verklaart mede waarom modellen als de MG4, BYD Dolphin en Renault 5 E-Tech zo snel marktaandeel veroveren: ze brengen die pariteit binnen handbereik van particuliere kopers, niet alleen zakelijke leasers. De vraag voor 2026 is niet óf EV's doorgroeien, maar of de infrastructuur en energiemarkt dat tempo kunnen bijbenen.
