Occasion-vraag naar EV's explodeert in Duitsland

De interesse in tweedehands elektrische auto's neemt in Duitsland een vlucht die de nieuwverkoop van EV's achter zich laat. Volgens cijfers van AutoScout24 lag de vraag in september 2026 maar liefst 67 procent boven het gemiddelde niveau van januari en februari van dat jaar. Tegenover augustus 2026 steeg het aantal koopaanvragen zelfs met 26,8 procent. Deze cijfers komen uit een analyse van de ACV, de Duitse Automobil-Club Verkehr.

Deze groei is opmerkelijk omdat het volledig organisch verloopt. Terwijl kopers van nieuwe elektrische auto's in Duitsland sinds 1 januari 2026 aanspraak kunnen maken op een staatliche Kaufprämie, vallen occasions volledig buiten de boot. De subsidie is strikt beperkt tot aankoop en leasing van nieuwe voertuigen. De ACV ziet hierin een fundamenteel probleem dat de elektrificatie van het wagenpark belemmert.

Subsidie op nieuw: cadeau voor de hogere inkomens

De kritiek van de ACV richt zich op de sociale werking van het huidige systeem. Uit analyses van de eerdere subsidieronde tot 2023 bleek al dat de aanschafpremies voornamelijk terechtkwamen bij huishoudens met hogere inkomens. Dat is logisch: zelfs met een subsidie blijft een nieuwe elektrische auto voor veel gezinnen financieel onbereikbaar. De gemiddelde nieuwprijs van een EV ligt in Duitsland ruim boven de 40.000 euro, een bedrag dat ver buiten het bereik van modale inkomens valt.

ACV-directeur Holger Küster stelt het scherp: een premie voor nieuwe auto's helpt weinig als een nieuw voertuig sowieso niet binnen het budget past. Wie elektrisch rijden toegankelijk wil maken voor brede bevolkingsgroepen, moet volgens hem de gebruikte markt actief gaan ondersteunen. Het huidige systeem negeert daarmee een cruciale instaproute naar elektrisch rijden.

De occasion als werkpaard van de energietransitie

De ACV wijst op een realiteit die in Nederland niet anders is: voor de meeste particuliere huishoudens is een occasion de enige realistische optie. De gemiddelde leeftijd van een personenauto in Duitsland ligt rond de tien jaar en ook in Nederland rijdt het merendeel van de automobilisten in een auto die al minstens één eigenaar heeft gehad. Door deze markt buiten de subsidie te houden, remt de overheid juist de versnelling af die ze beoogt.

De oproep van de ACV sluit aan bij een bredere discussie in Europa over rechtvaardige klimaatbeleid. Frankrijk voerde al een ecologische bonus in die ook geldt voor gebruikte elektrische auto's, mits ze aan bepaalde emissie-eisen voldoen. In Nederland is de aanschafsubsidie voor particulieren in 2024 stopgezet, maar ook hier gold die uitsluitend voor nieuwe auto's. De tweedehandsmarkt moest het zonder overheidsondersteuning stellen.

Batterijcertificaten: het ontbrekende puzzelstuk

Naast een herziening van de subsidievoorwaarden pleit de ACV voor verplichte standaarden voor batterijconditiecertificaten. Dit is een thema dat de occasionmarkt voor elektrische auto's al jaren parten speelt. Verschillende aanbieders, van merkdealers tot onafhankelijke partijen, leveren al rapporten over de State of Health (SoH) van accupakketten. De methoden en referentiekaders verschillen echter aanzienlijk.

De gevolgen zijn concreet: een certificaat van aanbieder A dat een SoH van 92 procent rapporteert, is niet zonder meer te vergelijken met de 89 procent van aanbieder B. Berekeningsgrondslagen, testomstandigheden en de wijze waarop de capaciteit wordt bepaald lopen uiteen. Voor kopers creëert dit onzekerheid in plaats van duidelijkheid, precies het tegenovergestelde van wat een certificaat zou moeten doen.

Küster benadrukt dat een batterijcertificaat vragen moet beantwoorden, niet nieuwe oproepen. Kopers moeten aan de hand van uniforme criteria kunnen beoordelen of een aangeboden accu nog voldoende capaciteit biedt voor hun gebruikspatroon. Ook moeten prijsverschillen tussen occasions gerechtvaardigd zijn door werkelijke verschillen in batterijconditie.

In Nederland zijn initiatieven als die van BOVAG en RDW bezig met standaardisatie, maar een wettelijk verplicht kader ontbreekt nog. De Duitse roep om verplichte normen zou hier een precedent kunnen scheppen, gezien de omvang van de Duitse automarkt en de invloed die Berlijn heeft op Europese regelgeving.

Wat betekent dit voor de Nederlandse markt?

Voor Nederlandse occasionkopers is de Duitse ontwikkeling relevant uit twee invalshoeken. Ten eerste importeert Nederland aanzienlijke aantallen gebruikte elektrische auto's uit Duitsland, vooral lease-exemplaren met relatief jonge bouwjaren en lage kilometerstanden. Een Duitse subsidie op deze auto's zou de prijsvorming in de hele Duitstalige markt beïnvloeden. Ten tweede volgt Nederlandse beleid vaak Duitse voorbeelden op het gebied van mobiliteit en duurzaamheid.

De kern van het betoog van de ACV is echter universeel: de energietransitie in de mobiliteit slaagt of faalt mede in de occasionhoek. Wie de massa wil laten overstappen, moet de auto's bereikbaar maken die de massa zich kan veroorloven. Dat zijn zelden nieuwe modellen uit de showroom.