Een uitblijver in het onderzoekslandschap
De Europese branchevereniging voor automobieltoeleveranciers CLEPA heeft in vijf grote EU-landen onderzocht hoe consumenten denken over hun volgende aankoop. Het resultaat wijkt sterk af van wat andere instituten recentelijk rapporteerden: slechts 8 procent van de ondervraagden geeft aan een batterij-elektrische auto te willen kopen als volgende voertuig. Dat maakt deze studie tot een statistische uitschieter aan de lage kant.
Voor e-automarkt.nl is dit nieuws relevant omdat het een ander geluid laat horen dan het optimisme dat vaak uit brancheorganisaties en overheden komt. De vraag is of deze cijfers een temperatuurmeting zijn van de werkelijke consumentenbereidheid, of dat methodologische keuzes een rol spelen.
Hoe past dit in het bredere beeld?
De 8 procent staat in schril contrast met de marktrealiteit van de afgelopen jaren. In landen als Nederland en Duitsland lag het marktaandeel van nieuwe BEV's in 2023 en begin 2024 beduidend hoger dan dit percentage zou doen vermoeden. Dat roept vragen op over de representativiteit van het onderzoek of de exacte formulering van de vraagstelling.
Toch is het niet het eerste signaal dat de overgang naar elektrisch rijden complexer verloopt dan sommige scenario's voorspelden. De afbouw van subsidies in meerdere Europese landen, de blijvende prijspremie ten opzichte van vergelijkbare benzine- en dieselmodellen en zorgen over laadinfrastructuur op langere trajecten spelen allemaal mee in het aankoopbesluit van consumenten.
CLEPA zelf vertegenwoordigt toeleveranciers die voor een substantieel deel nog afhankelijk zijn van onderdelen voor verbrandingsmotoren. Dat maakt de interpretatie van hun onderzoeksresultaten extra interessant: dient dit als wake-upcall voor beleidsmakers, of als onderbouwing voor een meer technologie-neutrale transitie?
Wat betekent dit voor de Nederlandse markt?
In Nederland zien we een specifieke dynamiek. De bijtellingvoordelen voor zakelijke rijders hebben de afgelopen jaren voor een relatief hoog BEV-aandeel gezorgd in het nieuwverkoopcijfer. De particuliere koper zonder fiscale voordelen ervaart echter een andere prijs-kwaliteitsverhouding. Een instapmodel als de Dacia Spring of de MG4 komt qua aanschafprijs in de buurt van vergelijkbare compacte benzineauto's, maar biedt minder flexibiliteit bij langere ritten.
De CLEPA-cijfers zouden kunnen duiden op een groeiende kloof tussen de vroeg-adoptors die al overgestapt zijn en de meerderheid die nog twijfelt. Deze groep noemt vaak praktische bezwaren: laadtijden die niet passen bij hun ritpatroon, onzekerheid over accu-degradatie op de tweedehandsmarkt en het ontbreken van laadmogelijkheden bij woningen zonder eigen oprit.
De toekomst van de Europese BEV-markt
De uitkomst van dit onderzoek komt op een moment dat de Europese auto-industrie al onder druk staat. Chinese fabrikanten drukken met scherp geprijsde elektrische modellen op de markt en de CO2-normen voor 2025 en 2030 vereisen een versnelde vergroening van het aanbod. Als de consumentenbereidheid inderdaad structureel lager ligt dan verwacht, ontstaat er een spanningsveld tussen regelgeving en marktvraag.
Voor potentiële EV-kopers is het wellicht een teken dat de onderhandelingspositie op de showroom verbetert. Voorraadmodellen van merken als Volkswagen met de ID.3 en ID.4, of de elektrische Renault Megane, staan in toenemende mate langer op het erf. Dat vertaalt zich in kortingen en lease-acties die de totale kostprijs over de levensduur aantrekkelijker maken dan de catalogusprijs doet vermoeden.
Of de 8 procent van CLEPA de werkelijkheid volledig weergeeft valt te betwijfelen. Maar het onderstreept wel dat de transitie naar volledig elektrisch personenvervoer geen lineair proces is. Beleidsmakers moeten rekening houden met de adoptiesnelheid van verschillende consumentensegmenten.