Het 'BUILD America 250'-wetsvoorstel: dubbele klap voor elektrische mobiliteit
De Amerikaanse Transport- en Infrastructuurcommissie heeft het Surface Transport Reauthorization Bill gepresenteerd, informeel BUILD America 250 genoemd. Het voorstel komt van Republikein Sam Graves (Missouri) en Democraat Rick Larsen (Washington) en moet de federale transportfinanciering voor de komende vijf jaar regelen. Voor elektrische autorijders zit er echter een onaangename verrassing in: een nationale jaarlijkse heffing specifiek op EV's en plug-in hybrides.
De heffing bedraagt $130 per jaar voor volledig elektrische voertuigen (BEV's) en $35 per jaar voor plug-in hybrides (PHEV's). Elk jaar stijgen deze bedragen automatisch met $5, tot een maximum van respectievelijk $150 en $50. De inning loopt via de staten; weigeren zij mee te werken, dan dreigt sancering door het federale ministerie van transport in de vorm van gekorte infrastructuursubsidies.
Onevenwichtige lastenverdeling: EV's betalen dubbel
Wat opvalt is de scherpe contrastwerking met de bestaande federale benzinebelasting van 18,4 cent per gallon — een tarief dat sinds 1993 onveranderd is. Toen kostte benzine ongeveer één dollar per gallon; nu is dat viermaal zoveel. De inflatie heeft de koopkracht van die belasting dus drastisch uitgehold.
Rekenkundig komt de gemiddelde benzineauto uit op zo'n $80 per jaar aan federale brandstofaccijns. De voorgestelde EV-heffing eindigt op $150 per jaar: bijna het dubbele. Bovendien krijgt die EV-bijdrage een automatische indexatie die de benzinebelasting al decennialang ontbeert. Graves zelf presenteerde de EV-heffing trots als "de eerste nieuwe infrastructuurinkomstenbron in meer dan dertig jaar" — alsof het niet opvallen van de benzinebelasting een prestatie is.
Dit alles terwijl de VS kampt met een oliecrisis als gevolg van geopolitieke spanningen, waardoor de interesse in elektrische mobiliteit juist toeneemt. De timing van het voorstel kan haast toeval lijken, maar de context doet anders vermoeden: Graves ontving in de laatste campagnecyclus $163.300 aan donaties uit de olie- en gassector.
Staatsheffingen stapelen op
De federale heffing komt bovenop wat al bestaat. In talrijke Amerikaanse staten betalen EV-rijders al extra belastingen, vaak ver boven het equivalent voor benzineauto's. In Kentucky en Iowa gelden zelfs dubbele heffingen: één voor weggebruik, één voor het opladen. Nergens zijn deze tarieven gekoppeld aan daadwerkelijke wegslijtage door gewicht of gereden kilometers — een lictere, minder gebruikte EV wordt even zwaar belast als een zwaarder, intensief gereden exemplaar.
Dat is des te opmerkelijker omdat vrachtwagens tot 80.000 lb (36.300 kg) die jaarlijks 80.000 km rijden, volgens wegdekstudies meer dan 500.000 keer zoveel schade aanrichten als een compacte EV van 1.270 kg met minder dan 3.200 km op de teller. Toch blijven zware transportvoertuigen buiten schot in dit wetsvoorstel.
Concurrentievervalsing en achterlopen op China
Het voorstel snijdt niet alleen in de portemonnee van EV-rijders, maar ook in de groeikansen van de sector zelf. Het BUILD America 250-voorstel reduceert financiering voor EV-laadinfrastructuur, elektrificatie van vrachtvervoer, elektrische bussen en programma's voor achtergestelde gemeenschappen. Terwijl China agressief investeert in batterijtechnologie en elektrische mobiliteit, lijkt de VS met dit soort maatregelen de eigen industrie in de wielen te rijden.
De totale opbrengst van de nieuwe heffingen wordt geschat op circa $700 miljoen per jaar, afkomstig van de huidige 5,3 miljoen EV's op Amerikaanse wegen. Ter vergelijking: de totale Amerikaanse overheidsuitgaven aan transport bedragen ongeveer $400 miljard per jaar. De heffing lost financieel nauwelijks iets op, maar kan wel kopers afschrikken op een cruciaal moment van transitie.
Gasbelasting naar nul?
Parallel aan dit wetsvoorstel loopt een Republikeinse campagne om de federale benzinebelasting tijdelijk op te heffen — inclusief voorstellen die al in meerdere staten zijn doorgevoerd. Als beide lijnen doorzetten, dragen EV-rijders straks niet alleen meer dan hun eerlijke aandeel, maar mogelijk zelfs de volledige voertuiggebonden wegfinanciering. Dit terwijl benzineauto's al meer dan een eeuw een verborgen subsidie genieten: de IMF schat de jaarlijkse externe kosten van fossiele brandstoffen in de VS op $760 miljard, door gezondheidsklachten, klimaatschade en natuurrampen die niet op de prijs van de pomp worden verrekend.
Conclusie: een rem op de verkeerde plek
Het wetsvoorstel belichaamt een fundamenteel onevenwichtige benadering van mobiliteitsbelasting. In plaats van de vervuiler betaalt-principes toe te passen — waarbij zwaardere, vervuilende voertuigen proportioneel meer bijdragen — wordt de kleinste, schoonste categorie het zwaarst belast. De automatische indexatie voor EV's, het ontbreken daarvan voor benzine, de stapelende staatsheffingen en de dreigende afschaffing van gasbelastingen creëren een systeem waarin elektrisch rijden financieel wordt bestraft in plaats van gestimuleerd.
Voor Nederlandse kopers die de Amerikaanse markt volgen, is dit een waarschuwingssignaal: zelfs in markten met groeiende EV-penetratie kunnen politieke belangen de transitie in de weg zitten. De vraag is of dit soort maatregelen uiteindelijk standhoudt tegen de economische realiteit van dalende batterijkosten en stijgende olieprijzen — of dat ze slechts een vertragende werking hebben op een onvermijdelijke verschuiving.

